Rebound Vonk op de Drijvende Woning
Yolanda (22) beleeft haar eerste keer met haar stiefbroer Tariq (28) op zijn drijvende huis in de Biesbosch.
Het riet stond manshoog langs de kreek, en de geur van modder, wilgen en koud water kwam Yolanda tegemoet nog voor ze de loopplank op stapte. Ze was tweeëntwintig, drie weken afgestudeerd, en ze had geen zin meer om in haar lege kamer in de stad te zitten treuren om een relatie die al dood was voor hij eindigde. Haar moeder had het droog voorgesteld: Tariq had ruimte op zijn drijvende woning, diep in de Biesbosch, en niemand zou haar daar lastigvallen. Ze had ja gezegd voordat ze kon nadenken over zeven nachten onder één dak met haar stiefbroer.
Tariq was achtentwintig en visser. Hij stond op het dek in een verwassen shirt, mouwen opgestroopt, en keek naar haar alsof hij de tijd nam. Geen beleefde blik. Een openlijke, hongerige blik die over haar jas, haar blote enkels en haar mond gleed en daar bleef hangen. Zijn onderarmen waren donker van de zon. Witte littekens liepen over de linker: een haak die was losgeschoten, en een brandplek van de kachel in de kombuis. Ze had hem niet meer gezien sinds de bruiloft, twee jaar geleden. Zijn vader was toen met haar moeder getrouwd. Zij was twintig geweest, hij zesentwintig. Er liep geen druppel bloed tussen hen. Alleen die ene avond aan een lange tafel, zijn stem laag, en daarna stilte.
“Je bent magerder,” zei hij, en hij pakte haar tas alsof die niets woog. “De stad vreet je op.”
“De relatie,” zei ze. Haar stem kwam schor uit. “Stuk. Niet de stad.”
Hij gromde iets dat geen medelijden was. Binnen rook het naar hout, koffie en vis die net van het dek was. De woning deinde. Een smal bed in de achterkajuit, een bank, een tafel met kringen van glazen. Geen buren. Alleen water dat tegen de romp tikte.
Hij zette thee. Ze zat met haar knieën tegen elkaar en voelde zijn blik opnieuw, nu vanaf het aanrecht. Ruw, mannelijk, zonder de omzichtigheid van jongens die eerst drie avonden appten voor ze durfden te zeggen dat ze je wilden. Onder haar ribben werd iets warm dat ze in maanden niet had gevoeld: begeerte die op haar gericht was, onverbloemd.
“Hector,” zei hij, de naam proevend. “Die sukkel die je liet gaan.”
“Ik heb hem laten gaan,” loog ze half.
“Hm.” Hij kwam naast haar zitten, niet dicht genoeg om haar te raken, dicht genoeg om zijn warmte te voelen. “En nu zit je hier met een visser die vis schoonmaakt en vloekt. Wat hoopte je te vinden?”
“Stilte,” zei ze. “En iemand die niet doet alsof ik van porselein ben.”
Zijn mond trok. “Ben je dat?”
“Nee.”
“Je bloost anders wel als ik naar je tieten kijk.”
De zin hing rauw tussen hen in. Ze had moeten lachen of boos worden. In plaats daarvan werden haar tepels hard onder haar shirt, en ze schaamde zich dat hij het misschien zag. “Je bent grof.”
“Ik ben eerlijk.” Hij leunde achterover, benen wijd. “Twee jaar geleden aan die tafel dacht ik al: die meid weet niet wat ze met haar lijf moet, en de jongens om haar heen weten het ook niet. Klopt dat nog?”
Haar keel werd droog. “Je plaagt me om mijn gebrek aan ervaring.”
“Ik vraag het.” Zijn ogen waren donker. “Hoeveel heb je eigenlijk gehad, studievogel? Echte handen. Een man die niet stopt bij zoenen omdat hij zenuwachtig wordt.”
“Genoeg om te weten dat je een klootzak bent.” Haar stem trilde.
“Nul komma nul, dus.” Hij grinnikte laag, niet gemeen, wel zeker. “Je hebt nog nooit een man zo dichtbij gelaten dat je niet meer netjes kunt doen. Zeg dat ik lieg.”
Ze kon het niet. Buiten riep een fuut. Binnen tikte haar hart zo hard dat ze zeker wist dat hij het hoorde. De rest van de middag bleef die zin tussen hen hangen. Hij liet haar de kombuis zien, het smalle bed, de kast waar ze haar spullen kwijt kon. Elke keer als ze zich omdraaide in de nauwe gang schampte zijn borst haar schouder. Elke keer keek hij naar haar mond en deed hij niets. Dat niets was erger dan een hand. Ze dacht aan Hector, aan hoe veilig en leeg dat was geweest, en aan hoe Tariqs blik haar huid liet branden alsof ze eindelijk weer een lichaam had.
Toen het donker werd, zette hij de generator uit. Het huis werd stiller, alleen het water en hun adem. Hij stak kaarsen aan op de tafel, drie stompjes in oude potten, en de vlammen trokken goud over zijn jukbeenderen en over de littekens op zijn arm. Hij schonk twee glazen wijn in, niet meer. Yolanda nam een slok, proefde kers en hout, en zette het glas neer.
“Ik wil helder blijven,” zei ze.
“Goed.” Hij dronk ook maar half. “Ik hoef je niet dronken om je te zien. Je zit al de hele dag te trillen als ik te dichtbij kom.”
“Niet van angst.”
“Nee.” Zijn knie raakte de hare onder de tafel en bleef daar. Warm, zwaar, een vraag zonder woorden. Ze trok niet terug. Zijn hand kwam op haar bovenbeen, ruw van eelt, en bleef stil liggen tot zij haar vingers over zijn pols legde, over de witte streep van de haak. De aanraking was klein en voelde enorm.
“Zeg het dan,” zei hij zacht. “Wat je vanmiddag niet kon zeggen.”
Ze keek in het kaarslicht naar zijn mond en voelde zich tweeëntwintig en onhandig en vreselijk wakker. “Ik ben nog maagd. Ik heb gezoend. Een keer een hand in mijn broek, en ik verstijfde, en hij stopte, en daarna durfde niemand meer, of ik durfde niet. Ik heb nog nooit een man zo dichtbij gelaten. Niet naakt. Niet in me.”
Hij ademde uit, langzaam, alsof hij die bekentenis in zijn lijf wilde bewaren. Zijn duim streelde de binnenkant van haar dij, boven de stof. “En je wilt dat ik dat weet.”
“Ja.”
“Dan krijg je mijn eerlijkheid terug.” Zijn stem werd lager, schor. “Sinds die bruiloft fantaseer ik over je. Twee jaar. Niet eerder, ik kende je niet eerder, en ik ben geen smeerlap die naar kinderen kijkt. Jij was twintig, volwassen, en je lachte met wijn op je lip en ik heb daarna nachten mijn pik in mijn vuist gehad met jouw mond in mijn kop. Ik dacht dat het voorbij zou gaan. Het ging niet voorbij. En nu zit je hier en zeg je dat niemand je ooit heeft genomen.”
De hitte sloeg door haar heen, schaamte en honger door elkaar. Ze had verwacht dat hij zou lachen. Hij keek alleen maar, open, alsof hij haar al uitkleedde en wachtte tot zij het toestond.
Yolanda stond op. Haar stoel schraapte. Ze liep om de tafel, ging tussen zijn knieën staan en legde haar handen op zijn schouders. Zijn spieren spanden onder haar palmen. Ze boog zich en kuste hem. Eerst onzeker, lippen droog, toen harder toen hij een geluid maakte dat diep uit zijn keel kwam en zijn handen om haar middel sloten. Zijn mond smaakte naar wijn en zout. Zijn tong vond de hare en ze opende voor hem, gretig, eindelijk.
“Ik wil je,” fluisterde ze tegen zijn lippen. “Nu. Niet omdat ik dronken ben. Ik ben nuchter, Tariq. Ik wil dat jij de eerste bent. Zeg ja of stuur me naar dat smalle bed alleen, maar lieg niet.”
“Ja,” zei hij meteen. “God, ja. Als jij stopt, stop ik. Als je meer wilt, krijg je meer.”
Ze knikte, en toen werden ze gretig. Hij trok haar shirt over haar hoofd. Zij frummelde aan zijn knopen tot hij het ding zelf uittrok en zijn borst vrijkwam, breed, met donker haar en een litteken laag op zijn ribben van een lijn die was geknapt. Ze drukte haar mond daar, proefde zout en huid. Hij maakte haar beha los met één hand, vloekte zacht toen haar borsten vrijkwamen, en nam een tepel in zijn mond. De zuiging schoot recht naar haar kut. Ze kreunde, luid in de stille woning, en schaamde zich niet.
“Mooi,” gromde hij. “Hard als ik eraan zuig. Ik ga je overal proeven.”
Zijn broek ging open onder haar vingers. Zijn pik sprong tegen zijn buik, dik, zwaar, de eikel al nat. Ze had er foto’s van gezien en zich afgevraagd of ze zou schrikken. Ze schrok niet. Ze wilde hem in haar hand, en toen ze hem vastpakte, siste hij en stootte in haar vuist.
“Bed,” zei hij. “Nu. Anders neem ik je op deze tafel en dat verdien je eerste keer niet.”
Hij tilde haar half, half leidde hij haar naar de achterkajuit. Het smalle bed kraakte toen hij haar erop legde, op haar rug, kussen onder haar hoofd, kaarslicht dat door de deuropening viel. Hij trok haar spijkerbroek en slip in één beweging uit. Koude lucht op haar natte schaamlippen. Ze wilde haar dijen sluiten. Hij legde zijn handen erop, zacht maar duidelijk, en keek haar aan.
“Open voor me. Als je het wilt.”
“Ik wil het.” Ze spreidde. “Lik me. Ik ben nog nooit… niemand heeft dat gedaan.”
“Dan ben ik een geluksvogel,” zei hij, en hij ging op zijn knieën tussen haar benen.
Zijn eerste lik was langzaam, van haar opening tot haar klit, breed en warm. Yolanda hapte naar adem. Het was te veel en meteen niet genoeg. Hij deed het opnieuw, en opnieuw, tot ze haar heupen niet stil kon houden. Hij zoog haar schaamlippen in zijn mond, spreidde haar met zijn duimen en stak zijn tong in haar, ondiep, proevend. Ze was strak en nat en ze hoorde het, een obsceen geluid in de kajuit, en ze werd er heter van in plaats van verlegener.
“Je smaakt naar zee en huid,” mompelde hij tegen haar. “En je clitje staat. Kijk nou. Helemaal gezwollen voor me.”
Hij legde zijn mond eromheen en zoog, zacht ritmisch, terwijl twee vingers haar ingang masseerden zonder naar binnen te duwen. Yolanda greep het laken. Haar dijen trilden tegen zijn oren. Hij hield haar heupen vast toen ze wilde wegschokken van de scherpte en likte door, vlak, dan puntig, dan weer zuigen, tot de spanning in haar buik brak. Ze kwam met een kreet die ze niet herkende, haar kut samentrekkend om niets, golven die door haar benen en haar keel gingen. Hij likte haar door de piek heen, langzamer, tot ze hijgde dat het te gevoelig werd en hij een kus op haar binnenbeen drukte.
“Eerste keer,” zei hij, mond glanzend. “En je bent prachtig als je klaarkomt. Luid. Ik wil dat nog een keer horen, om mijn pik.”
Ze trok hem omhoog en kuste haar eigen smaak van zijn lippen. Haar hand vond hem weer, harder dan daarnet, heet. Ze schoof naar beneden op het smalle bed, onhandig, en nam zijn eikel in haar mond. Zout. Glad. Ze had dit nog nooit gedaan en haar tanden schampten. Hij vloekte, niet boos, en legde een hand in haar haar, niet duwend.
“Lippen over je tanden. Hol je wangen. Je hoeft niet diep. Zuig en gebruik je hand op wat je niet aankunt.”
Ze deed het. Langzaam, kwijlend, haar vuist om de schacht, haar tong onder de rand. Hij gromde boven haar, heupen strak gehouden, en prees haar rauw: brave mond, hete kleine studente, zo nat van het likken dat ze zijn ballen kon voelen tegen haar kin als ze dieper probeerde. Ze kokhalsde één keer, trok terug, lachte ademloos en nam hem weer. Het voelde machtig, zijn dijen die trilden omdat zij, onervaren, hem zo kreeg. Ze pijpte hem tot zijn hand in haar haar samentrok en hij haar van zich af haalde.
“Stop. Anders kom ik in je keel en ik wil in je kut. Jij beslist nog steeds.”
“In me,” zei ze. Haar stem was hees. “Langzaam. Ik ben bang dat het niet past en ik wil het toch. Als het te veel is, zeg ik stop. Tot die tijd neuk je me.”
Hij draaide haar op haar rug, kuste haar hard, en leidde zijn pik naar haar opening. De eikel drukte, breed, tegen vlees dat nog nooit iets dikkers dan een vinger had gekend, en die vinger was van haarzelf geweest, stiekem, nooit ver genoeg. Hij duwde. Een brandende rek. Ze hapte, nagels in zijn schouders.
“Adem,” zei hij tegen haar slaap. “Ik beweeg niet tot jij het zegt. Je bent zo strak, Yolanda. Zo’n klein maagdelijk kutje om me heen. Zeg het.”
“Dieper.” Ze dwong zich te ontspannen, duwde haar heupen omhoog. “Ik wil je voelen. Helemaal.”
Hij gleed verder, centimeter voor centimeter, missie, zijn gewicht op zijn onderarmen zodat hij haar niet platdrukte. De rek werd een volheid die haar de adem benam. Een scherpe steek, toen een gladheid omdat ze zo nat was. Hij zat tot aan zijn ballen in haar en vloekte, voorhoofd tegen het hare.
“Ik zit in je. Helemaal. Voel je dat?”
“Ja.” Tranen prikten, niet van spijt. Van het teveel. “Beweeg. Langzaam. Ik wil het.”
Hij trok terug en stootte weer in, traag, de hele lengte. Het bed kraakte met het water mee. Elke stoot wreef ergens diepers dan zijn tong had gekund. De pijn werd een zwaar, goed branden. Ze sloeg haar benen om zijn middel en trok hem in zich, en hij kreunde alsof zij hem brak in plaats van andersom.
“Kijk me aan,” zei hij. “Ik wil je ogen als ik je neuk. Mijn stiefzusje, tweeëntwintig, maagd tot vanavond, en nu zit je kut om mijn pik alsof je ervoor gemaakt bent. Zeg dat je het wilt.”
“Ik wil het.” Ze kuste hem, slordig. “Harder mag bijna. Nog niet. Zo. Ja. Daar.”
Hij vond een hoek waarbij zijn schaambeen haar klit raakte en hield die vast, diepe, beheerste stoten. Zij kwam bijna opnieuw, verrast, een kleinere golf die hem deed sissen omdat ze om hem heen kneep. Hij hield zich in. Zijn kaak stond strak. Zweet droop in haar hals.
“Draai me om,” hijgde ze. “Ik wil voelen hoe je me echt neemt. Ik ben er. Ik ben niet breekbaar.”
Hij trok zich uit, langzaam, en het lege gevoel was bijna erger dan de rek. Hij draaide haar op haar buik, trok haar heupen omhoog tot ze op handen en knieën stond op het smalle bed, gezicht naar de wand, kont naar hem. Een hand tussen haar schouderbladen duwde haar borst naar het matras. De andere greep een vuistvol haar, stevig, niet wreed, en hield haar hoofd omhoog.
“Dit wil je?”
“Ja. Neuk me. Harder. Ik zeg stop als het moet.”
Hij zette zich opnieuw tegen haar en stootte naar binnen in één lange beweging. Vanuit deze hoek voelde hij dikker. Ze schreeuwde, half vloek, half zijn naam, en duwde terug. Hij begon te neuken, niet meer de voorzichtige missie van daarnet maar diepe, natte stoten die haar knieën over het laken schoven. Zijn ballen sloegen tegen haar klit. Zijn greep in haar haar hield haar in de boog die hij wilde.
“Zo’n strakke kut,” gromde hij bij haar oor. “Je neemt me als een braaf, geil ding. Hoor je hoe nat je bent? De hele Biesbosch hoort je. Mijn kleine maagd die zich laat nemen op mijn bed, haar in mijn vuist, en terugduwt om meer pik. Zeg het.”
“Meer,” hijgde ze. “Harder. Ik ben van jou vanavond. Neuk me tot ik het uitschreeuw.”
Hij deed het. De kajuit vulde zich met het geluid van huid op huid, haar kreunen, zijn rauwe complimenten: mooie kont, perfect kutje, zo geil dat ze droop langs zijn ballen, zo’n brave mond vanmiddag en nu een sletje dat smeekte. De woorden hadden haar moeten beledigen. Ze maakten haar natter. Schaamte en lust draaiden in elkaar tot ze geen verschil meer voelde. Zijn vrije hand vond haar klit en wreef, ruw en precies, terwijl hij haar haar strakker pakte en haar naam zei alsof het een vloek was.
“Ik ga komen,” zei hij, stem gebroken. “In je. Wil je dat? Zeg het hard.”
“Ja. In me. Ik wil het voelen. Kom in me, Tariq.”
Ze kwam eerst, luid, een schreeuw die tegen het hout kaatste, haar kut die in golven om hem heen kneep. Hij hield haar haar vast, stootte door haar orgasme heen, drie, vier keer, en kwam met een rauwe kreet, diep in haar, heupen vastgezet, pik pulserend terwijl hij zich leegde. De hitte van zijn zaad vulde haar. Ze bleef op haar knieën, trillend, tot hij haar losliet en over haar rug zakte, nog in haar, allebei nahijgend alsof ze hadden gezwommen tegen de stroom in.
Hij trok zich voorzichtig terug. Zaad en haar nattigheid liepen langs haar dij. Hij draaide haar om, trok het deken over hen en legde haar tegen zijn borst. Het smalle bed dwong hen tegen elkaar. Buiten tikte water. Een kaars in de andere ruimte sputterde.
Yolanda streelde de littekens op zijn arm, de haak, de brandplek, en het streepje op zijn ribben. Haar vingers waren zacht waar zijn pik ruw was geweest. “Dit was precies wat ik nodig had,” zei ze zacht. “Niet Hector. Niet praten. Dit. Mijn eigen lichaam eindelijk ontdekken. Dat ik kan willen, en nemen, en klaarkomen zonder me te verontschuldigen.”
Tariq kuste haar voorhoofd, lang, zijn mond warm op haar huid. “De hele week,” zei hij. “Elke eerste keer die je nog wilt, op dit water. Ik leer het je. Morgen je kont, als je dat wilt. Of mijn mond weer, tot je niet meer kunt staan op de loopplank. We hebben tijd.”
Ze sloot haar ogen en geloofde hem, of wilde hem geloven, en nestelde zich dichter tegen het litteken op zijn ribben.
Tariq staarde naar de donkere patrijspoort en hield zijn mond. Vanmiddag, terwijl zij onder de douche stond en het water over de planken ruiste, had haar telefoon op de tafel liggen trillen. Daphne. Hij had opgenomen omdat de naam bleef oplichten en hij dacht dat het nood was. Daphne had niet gewacht op Yolanda’s stem. “Zeg tegen haar dat Hector het weet,” had ze gejaagd gezegd. “Dat ze haar maagdelijkheid aan haar stiefbroer gaat geven zodat hij jaloers wordt. Ik heb het hem vanmiddag verteld, zoals zij vroeg. Hij komt morgenochtend naar de steiger.” Yolanda had hem dat niet verteld. Ze lag nu tegen zijn borst alsof deze week van haar was, alsof ontdekken het enige motief was geweest. Hij wist dat de ochtend iemand anders naar de loopplank zou brengen. Hij kuste haar haar, beloofde niets meer, en zei het niet.
Rate this story
Klopt er iets niet aan dit verhaal?
Vanavond iemand ontmoeten.
Erotische contacten bij jou in de buurt. Gratis aanmelden.
Nu vinden →Popular Collections
Browse Categories